Mijn eerste reis was fantastisch. Sydney voor het eerst zien, die grote iconen eindelijk in het echt, samen met een vriendin rondreizen en voortdurend nieuwe indrukken opdoen. Die eerste koala die we spotten — zij overigens nét iets eerder dan ik — vergeet ik nooit meer.
Net als die kangoeroe in de Hunter Valley. Om halfzes 's ochtends liepen we met de eigenaar van onze accommodatie buiten toen hij ineens opdook. Dat we de avond ervoor nogal enthousiast kennis hadden gemaakt met de wijnen uit de regio én een stel heel gezellige Australiërs, maakte dat vroege tijdstip iets uitdagender. Maar ja. Alles voor een kangoeroe!
Toch was Australië bij mij geen liefde op het eerste gezicht zoals Nieuw-Zeeland. Het groeide.
Elke reis liet weer een andere kant zien. Drie weken Tasmanië tijdens mijn eerste reis met mijn partner, samen in onze eigen bubbel. Even later verlaten eilandjes voor de kust van Queensland. South Australia, Western Australia, Victoria. Tropisch regenwoud met watervallen. Ruwe kustlijnen. Uitgestrekte wijngebieden.
En altijd weer dat wildlife. Het is iets magnetisch.
Wombats die onverstoorbaar rondscharrelen op Tasmanië. Schildpadden bij het Great Barrier Reef. Koala's in de bomen van Kangaroo Island. Iedere keer nestelt Australië zich een stukje verder in mijn hart.
En ja: ik blijf foto's maken. Heel. Veel. Foto's.