Naar inhoud

Deze website maakt gebruik van cookies om de website te verbeteren. Lees meer

Tasmanië - Australië

© Tourism Australia
© Tourism Australia

Rondreis Tasmanië: één eiland, belachelijk veel afwisseling

Oh Tasmanië. Voor mij is dit nog altijd een van de rauwste en meest gevarieerde delen van Australië.

Je kunt de ene dag in korte broek op een bijna wit strand in Freycinet National Park staan en een paar dagen later bij Cradle Mountain je regenjas dichtritsen omdat de temperatuur richting het vriespunt zakt. Vervolgens hobbel je een gravelroad af naar Corinna, kajak je over spiegelglad water tussen het regenwoud en eindig je je rondreis op Bruny Island tussen wallabies, oesters en kaas. Een rondreis van 4 weken Tasmanië die zich helemaal focust op dit eiland heb ik als voorbeeldreis uitgeschreven. Leuk om door te lezen als je Tasmanië bovenaan jouw lijstje hebt staan. 

Tasmanië wordt niet voor niets weleens ‘Klein Australië’ genoemd. Alleen vind ik dat eigenlijk bijna tekortdoen aan het eiland zelf. Tasmanië heeft zó’n eigen karakter.

© Tourism Australia

Een rondreis door Tasmanië vraagt tijd

Tasmanië lijkt compact, maar is ongeveer zo groot als Ierland; de wegen zijn geregeld bochtig, onverhard of verleidelijk genoeg om voortdurend te stoppen. Dat maakt een rondreis over Tasmanië juist zo leuk, maar ook een bestemming waar je de afstanden niet te krap moet plannen. 

Dat is precies waarom ik liever wat langer op Tasmanië blijf. Voor een mooie ronde zou ik minimaal drie weken nemen. Met vier weken kun je veel rustiger reizen en ook plekken als Corinna, Bruny Island en Mount Field echt de tijd geven in plaats van ze snel af te vinken.

Wil je weten wat the bare minimum in mijn ogen is? Dat zou een dag of 10 zijn. Dan kun je het Tasman Peninsula, Freycinet, Bay of Fires en Cradle Mountain aandoen. Maar, het liefst heb je meer tijd om zowel het eiland als jezelf recht te doen. 

© Tourism Australia

Van Wineglass Bay naar oranje rotsen

Aan de oostkust verandert het landschap voortdurend.

Bij Freycinet National Park liggen Wineglass Bay, Honeymoon Bay, Sleepy Bay en Friendly Beaches tussen roze granieten bergen. Daarna rijd je verder richting Bay of Fires, waar wit zand, helderblauw water en feloranje korstmossen samenkomen.

De Bay of Fires strekt zich uit langs de noordoostkust en is veel meer dan die ene bekende foto met oranje rotsen. Rijd richting The Gardens, zoek kleine strandjes op en neem vooral een picknick mee. De mooiste plek is hier vaak precies die baai waar niemand anders staat.

Daarna de bergen in

Cradle Mountain-Lake St Clair National Park gooit het landschap vervolgens compleet om.

Geen turquoise baaien meer, maar gletsjermeren, alpiene heide, oude bossen en grillige bergpieken. En wombats. Heel veel wombats als je een beetje geluk hebt.

Je kunt hier wandelen van een eenvoudige Enchanted Walk tot pittigere routes richting Marion’s Lookout. Het weer kan werkelijk binnen enkele minuten omslaan. Zelf heb ik zon, mist, stortregen en harde wind bijna in één wandeling meegemaakt.

Laagjes dus. Altijd.

Gravelroad? Dan komt er iets moois

Mijn favoriete voorbeeld daarvan is Corinna.

Je rijdt steeds verder de westelijke wildernis in, de weg wordt ruiger en voorzieningen verdwijnen. Uiteindelijk kom je uit bij een kleine historische nederzetting aan de Pieman River, omringd door takayna / Tarkine-regenwoud.

Daar stap je ’s ochtends in een kajak en peddel je weg over water waarin de bomen bijna perfect spiegelen. Geen gids, geen groep, alleen vogelgeluiden en die rode kajak midden in al dat groen.

Mijn theorie blijft overeind: een gravelroad betekent meestal dat er iets bijzonders aankomt.

Watervallen en mosgroen regenwoud

Ook Mount Field National Park zou ik niet overslaan.

Veel bezoekers lopen alleen naar Russell Falls en keren weer om. Zonde. Loop verder naar Horseshoe Falls, Tall Trees en Lady Barron Falls en je belandt in een regenwoud van gigantische bomen, varens, stromende beekjes en pademelons.

Voor mij behoort Mount Field samen met Freycinet tot de mooiste parken van Tasmanië.

Eindigen tussen oesters en wallabies

En dan Bruny Island.

Stap met de auto op de ferry bij Kettering en vaar naar Bruny. Je vindt er stranden, wandelingen, lokale whisky, kaas, bier, wijn en werkelijk heerlijke oesters.

Ondertussen springen wallabies overal rond, inclusief de bijzondere Albino (witte) wallabies. Tegen de avond kun je bij The Neck kleine pinguïns terug naar hun holen zien komen. If you're lucky, natuurlijk…

Bruny is voor mij simpelweg een perfecte plek om een rondreis over Tasmanië rustig af te sluiten. Of juist om hem te beginnen.

Rijden op Tasmanië: rustig aan

Wildlife is een serieuze reden om je snelheid aan te passen.

Wallabies, pademelons, wombats en andere dieren zijn vooral rond schemering en zonsopkomst actief, maar op Bruny Island heb ik ze ook gewoon midden op de dag op de weg zien staan. Of springend, net voor de auto langs schietend. Het zijn er zó veel, kijk alsjeblieft ongelooflijk goed uit. 

En houd de benzinemeter in de gaten. Buiten de 'grotere' plaatsen ben je aangewezen op een IGA, general store of kleine pomp. Het is bij elke verplaatsing wijs om even Google Maps te raadplegen voor zowel een supermarkt (of iets dat daar op lijkt) als een tankstation. Kleine tip…

© Tourism Australia

Tasmanië met kinderen

Tasmanië is ontzettend leuk voor gezinnen die graag buiten zijn. Je hoeft niet iedere dag een lange hike te maken: stranden, korte watervalwandelingen, wombats zoeken bij Cradle Mountain, wallabies op Bruny Island en zwemmen aan de oostkust zorgen vanzelf voor afwisseling.

Met jonge kinderen zou ik vooral het reistempo rustig houden. Drie nachten op één plek werkt hier vaak veel fijner dan iedere ochtend opnieuw de auto inpakken. 

Nog meer om te ontdekken

Diep regenwoud, bergpassen en talloze watervallen

Vaar tussen fjorden, wandel over drie Great Walks en rijd een weg waarop je achter iedere bocht opnieuw wilt stoppen. Vlieg er als klap op de vuurpijl overheen. Spectaculair; dit is Fiordland National Park ten voeten uit.